© 2012 Charlotte Lefferts 20120717-102150.jpg

Kunming

Kunming is uiteraard een miljoenenstad. Het vliegveld is modern en groot. Toch blijkt het moeilijk uit te leggen naar welk hostel wij vervoerd willen worden. Wij hebben de naam en het adres alleen in het Engels, een taal die vrijwel niemand op deze moderne locatie beheerst. Wij worden uiteindelijk ‘gered’ door een vrouwelijke reiziger die wel Engels spreekt. Zij belt het hostel en na een lange uitleg schrijft zij het adres in het Chinees op. Ook dan nog blijkt het moeilijk voor de taxichauffeur om het juiste adres te vinden. En wie treffen wij aan in het hostel ‘The lost garden’. Juist ja Cees en Iselin. Dat is voor de zesde keer, waarvan 4 keer ongepland (begin februari Ushuaia, Argentinië (ongepland, wij kennen hen niet), maart Torres del Paine, Chili (ongepland), april Cuzco, Peru (gepland), juli Hong Kong (paar dagen tevoren gepland), Guilin (ongepland) en Kunming (ongepland). Bijzonder leuk en leerzaam. Wij leren ‘wormen’ van hen.
De regio van Kunming is al zo’ n 2000 jaar bewoond. De stad bestaat al veel meer dan 1000 jaar. De gebouwen zijn voor het grootste deel nieuw tot gloednieuw. Ook hier hebben de Chinezen hun hobby van cultuurvernietiging uitgeoefend. Ongetwijfeld tijdens de Culturel revolutie toen de officiële leer was dat al het oude moest verdwijnen. Daarna zijn zij er echter vrolijk mee door gegaan. Zo sloegen zij in 1997 nog de 400 jaar oude Nancheng moskee tot puin. Nu staat er een grotere die op een soort casino lijkt. De stad zelf is dan ook niet erg interessant. Wel aardig is de 1000 jaar oude Yuantong Temple, waarvan de meeste gebouwen ook een stuk nieuwer zullen zijn. Maar ach als je al zoveel tempels hebt gezien… HET hoogtepunt is het niet zo grote ‘Green lake’ stadspark. Niet zozeer vanwege de bruggetjes, de namaaktempels en de elektrische plastic bootjes. Ook niet vanwege het kinderspeeltuintje waar ‘ a white Chrismas’ wordt gedraaid.
Nee vanwege de mensen. In de vroege ochtend is het park bomvol met Tai Chi beoefenaren, gymnasten en badmintonners. Om niet te spreken van de schoonschrijvers en crocketenthousiastelingen. Overdag – wij waren op een zondag – wordt er door vele tientallen mensen op muziek gedanst en versterkt door een microfoon gezongen. Hele orkesten spelen hun deuntjes. Niemand vraagt geld. Evenals de toeschouwers hebben de performers grote lol. Dit zijn de Chinezen op hun allerbest. En dat is heel goed!
Een must is een uitstapje naar het 120 kilometer verderop gelegen Stenen bos (Shilin). Het gaat om een bizarre verzameling grillige kalksteen (Karstgebergte). Onder meer honderden puntige rotsen die naar boven rijsen. De hoogste wel 30 meter. Dit geheel heeft wel war weg van een stenen bos. De rotsen staan deels is kleine meertjes. Het is – ook in de regen – betoverend om erdoorheen te lopen. Daar doen de vele Chinese toeristen niets aan af. De reis erheen maken wij per trein. Een avontuur. Dat begint al bij het loket waar wij een kaartje willen kopen. De behulpzame verkoopster roept alleen maar ‘ no, no no’. Zij lijkt op de taxichauffeur die wij zelfs met ‘ tjoek, tjoek, tjoek’ en een plaatje van een trein in het handige boekje Point It niet duidelijk konden maken dat wij naar het station moesten en die toen maar zonder ons wegreed. Als een Engels sprekende Chinese ons helpt blijkt kaartverkoopster opeens alleen maar ‘yes, yes, yes’ te roepen. Wij kopen voor ongeveer een Euro een kaartje. Als wij in de trein zitten blijkt waarom de reis zo goedkoop is. Wij zitten derde klasse op een langs de lengte van de wagon tegen de zijkant gemaakte houten bank. Uitsluitend met arme en stinkende Chinezen, die het liefst tegen je aan schurken. Tussen de twee zijbanken in staat een plastic prullenbak waarin diverse mannen naar goed Chinees gebruik om beurten spugen. Dat wekt weer de eetlust van anderen op die direct noodles bestellen bij de aftandse catering op wielen. De verkoper van de noodles loopt in een soort galauniform met epauletten en das. Dat dan weer wel. Een stinkende vrouw wrijft zich op de bank eens lekker tegen Lot aan. Verzitten helpt niet. Zij doet dat ook. Lot is er blij mee. Dat zijn wij ook met een kind die op een krant moet plassen en poepen en met de muziek die uit de luidsprekers schalt. Vooral met de deun ‘Holland…wereldkampioen’.
Gedurende de reis loopt de wagon leeg. Veel Chinezen gaan na vertrek op duurdere plaatsen in de tweede klasse zitten. De controleurs in gewichtige uniformen hebben daar klaarblijkelijk geen problemen mee. Bij elk station dat wij passeren wordt de trein opgewacht door meerdere treinbeambten in uniform. Een van hen is de stationswachter die op een verhoging onder een afdak de trein opwacht. De andere beambten staan bij iedere deur van de trein. Voordat je in de trein zit ben je zeker 3 keer gecontroleerd. Aangezien vrijwel alles in het Chinees wordt aangegeven vragen wij bij elk station weer of het Shilin is. Pas na ruim 3 uur is dit het geval. Bij de terugreis zal blijken dat de bus er maar 1 uur en 15 minuten over doet. Zoals al gezegd is het Stenen woud zeer de moeite waard. De WC in het bezoekerscentrum is dat minder. Vies, vies en nog eens vies. Uit de kranen komt nauwelijks water en de zeep is op. Wanden, vloeren en wasbakken zijn van marmer. Bizar.

20120717-101504.jpg

20120717-101512.jpg

20120717-101534.jpg

20120717-101546.jpg

20120717-101554.jpg

20120717-101610.jpg

20120717-101621.jpg

20120717-101632.jpg

20120717-101639.jpg

20120717-101744.jpg

20120717-101757.jpg

20120717-101816.jpg

20120717-101827.jpg

20120717-101808.jpg

20120717-101841.jpg

20120717-101848.jpg

20120717-101914.jpg

20120717-101924.jpg

20120717-101936.jpg

20120717-101945.jpg

20120717-102019.jpg

20120717-102043.jpg

20120717-102105.jpg

20120717-102119.jpg

20120717-102127.jpg

20120717-102150.jpg

Post a Comment

You must be logged in to post a comment.